“Als je kinderen hebt, ben je kwetsbaar.”, zei jaren geleden een man tegen mij. Hij hield zich merkbaar groot toen hij vertelde over zijn vrouw van wie hij net gescheiden was. Zijn kinderen zouden om de week het weekend naar zijn nieuwe huis komen: een klein vakantiehuisje op een camping. Met zijn vrouw en kinderen had ik goed contact. Met hem had ik een moeizame relatie. Na verloop van tijd bloedde het contact met de man dood. Ik verschool me achter de woorden: “Als je behoefte hebt aan een gesprek kun je mij altijd bellen.” Hij heeft nooit iets laten horen…
Ik dacht nog wel eens aan de uitspraak van die man: “Als je kinderen hebt, ben je kwetsbaar.” Bijvoorbeeld als er wat met mijn kinderen was. Hoe zou het met hem zijn?
Het antwoord kreeg ik jaren later: “Dominee, wilt u mijn broer begraven?” Een jonge vrouw vertelde over een tragisch ongeval. “Hij was pas 18!” ‘s Avonds ging ik naar het huis van moeder waar ook de zus was, die mij gebeld had.
Wat moest ik zeggen bij zo veel verdriet? Ik voelde dat mijn armen te kort waren en deelde in hun ongeloof, verdriet, vragen. “Wilt u iets zeggen in het crematorium?”, vroeg de zus. “Iets over Jan Willem en iets over God. Verder niet te zwaar. Hij hield van het leven!” Ik knikte en zegde mijn medewerking toe.
Plotseling ging de deur open. Een man met een verwilderd betraand gezicht stond in de deuropening. “Waarom mijn zoon?”, stootte hij uit. Hij kwam naar mij toe en stelde zich voor. Hij herkende me niet meer. “Als je kinderen hebt, ben je kwetsbaar”, schoot het door mijn hoofd. Een vader, een moeder en een kind hielden elkaar vast, huilden bij elkaar uit, even samen, zoals vroeger, toen ze nog met zijn vieren waren.
Even later vertelde de vader over de moeizame relatie die hij met zijn zoon had gehad. Jaren hadden ze elkaar niet gezien. Al die tijd had hij hem doodgezwegen, nooit op e-mails of sms’jes gereageerd. Gelukkig waren ze voor zijn dood nog enkele keren bij elkaar geweest. Ze hadden geprobeerd het uit te praten. Dat was niet zo goed gelukt, maar ze hadden er zand over gegooid. De vader was in de loop de jaren wat milder geworden en zo was er ruimte gekomen voor de zoon. De vader reageerde weer op e-mails en sms’jes en zijn zoon was welkom in het vakantiehuisje op de camping.
Bij het voorbereiden van de afscheidsdienst dacht ik aan een vader en een zoon. Beiden hadden lange tijd hun eigen leven geleefd. De zoon in het buitenland met alvast zijn deel van de erfenis. De vader op de boerderij. Na een paar jaar kwam de zoon thuis. Er was natuurlijk genoeg gebeurd in dat gezin: spanningen, vloeken, ruzies en uiteindelijk pakt één van de kinderen zijn kof-fers. Het verhaal van de Verloren Zoon wordt nooit stoffig (Lucas 15: 11-32). De vader blijft op zijn zoon wachten. Op de plaatjes in alle kinderbijbels staat hij voor de boerderij met zijn hand boven zijn ogen: “Zie ik hem al aankomen?”
Jezus vertelde een verhaal over een verloren zoon en een verloren vader. De vader en de zoon sloten elkaar weer in de armen. De vader kon weer vaderen en de zoon mocht weer kind zijn. Want je blijft altijd vader van je kind en kind van je vader. Jezus’ verhaal zegt ons dat verdriet, gemis, rouw er mogen zijn. Dat zulke ervaringen ons ook meer mens kunnen maken.
“Als je kinderen hebt, ben je kwetsbaar.” zei ik enkele maanden na de begrafenis van Jan Willem op de preekstoel in een jeugddienst in een grote kerk in het Westen. In mijn gebed noemde ik dat je een kind kunt verliezen aan de dood, maar je kunt ook een kind verliezen aan het leven. De verloren vader verloor zijn zoon aan het leven.
Onder de preekstoel zat Jan Willems vader. Dat ontdekte ik toen ik een e-mail van hem kreeg: “Ik was toevallig in de buurt. Neen, ik kom nooit meer in de kerk, maar ik zag uw naam staan en zodoende.” Over de preek schreef hij, dat juist het benoemen van het gemis en het knagende gevoel dat je gefaald hebt als vader of moeder, zo helpend is.
Het litteken van het verlies om een kind, verloren aan de dood of aan het leven, zal nog iedere dag trekken, ja soms openscheuren, maar met minder zuur of zout in de oude wond zal het herstel- en helingsproces beter gaan. Dat kunnen we niet alleen. Waarom zouden we het eigenlijk alleen doen? Jezus staat nog steeds met Zijn armen gespreid om verloren zonen en verloren vaders (en natuurlijk ook verloren dochters en moeders) in Zijn armen te sluiten. Hij straalt als Hij ons ziet aankomen!

Het verhaal is zo geschreven dat de privacy gegarandeerd is.